22 Juni 2020

Liefste Maggie

Column Tom Braekeleirs Artsenkrant

Naar aanleiding van het 'grote In4care #zorg2021 debat' donderdag jl., met Peter Hinssen, Lieven Annemans, Margot Cloet, Pedro Facon en Maggie De Block, richtte Tom Braekeleirs zich in een brief tot die laatste.

Liefste Maggie,

Dit is een gemeende begroeting en neen, het is niet sarcastisch bedoeld. Het is met het allergrootste respect. Ik leg even uit waarom.

Ik kreeg pretlichtjes in de ogen en mijn opkomende rimpels werden iets dieper door het krullen van m'n mondhoeken bij het luisteren naar het #zorg2021 debat vorige week. Het 'Grote Zorgdebat', zo werd het aangekondigd. En het mag gezegd worden, dat heeft In4Care met regie door Roularta HealthCare mooi gedaan. Een fantastische line-up van panelleden en bijpassende moderator in de persoon van Lisbeth Imbo, waar ook u, mevrouw de minister, een prominente plaats had, en ook u heeft dat goed gedaan.

Maar ook toegegeven, het begin was wat braafjes. Mooi op elkaar inspelende antwoorden en ja, corona heeft ons wat lessen geleerd, en dat we ons moeten afvragen of we terug willen naar het oude normaal. Toen Peter Hinssen (techondernemer, schrijver en spreker) in 2010 een boek schreef met als titel 'The New Normal', had hij niet durven verhopen dat deze term zo brandend actueel zou worden. Ergens diep vanbinnen (of vermoedelijk ook wat minder diep) heeft hij waarschijnlijk al meermaals gevloekt dat hij geen handelsmerk op die woorden heeft laten zetten. Het kan ook zijn dat hij de uitspraak 'het nieuwe normaal' ondertussen wel spuugzat is. Maar soit, we wijken af. Terug naar het debat.

Wat mij vooral deed opkijken van achter mijn scherm, was het vragenrondje waarbij de panelleden elkaar vragen mochten stellen. En de vraag die u toen stelde, mevrouw De Block, maakte mij blij: "Hoe kunnen we meer ondernemerschap in de zorg krijgen?" Die vraag stelde u aan Peter, die daar een mooi antwoord op gaf. Ook in uw ogen zag ik pretlichtjes bij het aanhoren van zoveel techoptimisme waar hij voor gekend is.
 

FinTech, met alle respect, is voor veel mensen, ver van hun bed. Hun eigen gezondheid daarentegen...

Alleen moet er mij toch iets van het hart. Het is ondertussen acht jaar dat wij (en daarmee bedoel ik de organisatie die ik vertegenwoordig, met name BlueHealth Innovation Center) bezig zijn met de ondersteuning van meer ondernemerschap in de zorg. Honderden start-ups zijn bij ons al over de vloer geweest gedurende die periode en samen met imec.istart trekken we heel hard aan de kar om deze Belgische parels zo snel mogelijk te helpen internationaliseren.

Ze zijn uiteraard niet allemaal even succesvol, maar we mogen toch wel wat chauvinistischer zijn als het op onze Belgische techscène aankomt. We spelen mee aan de top. Fibricheck is er zo eentje, u ongetwijfeld bekend. Het allereerste AI-algoritme dat zowel CE- als FDA-goedkeuring kreeg in de wereld van cardiologie.

We vliegen met z'n allen (nu iets minder, maar vroeger, in het oude normaal, weet je wel) naar Silicon Valley om te kijken wat de slimme jongens en meisjes daar allemaal aan het uitvinden zijn, maar onder onze neus gebeuren fantastische dingen.

En trouwens, we doen dit al acht jaar, zonder federale subsidies. Ik wil hier geen pleidooi houden voor centen, maar als je weet dat drie jaar geleden je toenmalige collega minister Van Overtveldt 2 miljoen euro vrijmaakte om van België (lees: Brussel) een FinTech-hub te maken, dan mag ik daar toch bedenkingen bij plaatsen. FinTech, met alle respect, is voor veel mensen, ver van hun bed. Hun eigen gezondheid daarentegen...

Dus, geachte mevrouw de minister, beste mevrouw De Block, liefste Maggie, genoeg voer om even de koppen bij mekaar te steken hoe we dit lokale ondernemerschap, dat er nu al is, kunnen versterken. Laat ons het momentum aangrijpen. Mijn agenda in juli is volledig open (staycation-gewijs). Dus laat gewoon weten waar en wanneer. Ik kom wel naar u toe en we gaan een terraske doen. Kwestie van de lokale horeca een hart onder de coronariem te steken.

Tot binnenkort!

Deze column van Tom Braekeleirs verscheen eerder in Artsenkrant.

Bron foto: Artsenkrant, © RV

THE FUTURE BELONGS TO THOSE WHO BELIEVE IN THE BEAUTY OF THEIR DREAMS.

ELEANOR ROOSEVELT